Mensenrechten onder druk door bedrijven in Latijns-Amerika

Hoewel er in Latijns-Amerika steeds meer conflicten opduiken tussen bedrijven en getroffen gemeenschappen, laat de implementatie van een reeks overeengekomen principes omtrent economische activiteit en mensenrechten op zich wachten.

  • the future is unwritten (CC BY-NC-SA 2.0) Een Mapuche-indiaan in Chili wordt tijdens een protest gearresteerd. the future is unwritten (CC BY-NC-SA 2.0)

‘Instellingen en bedrijven die zich bewust zijn van de enorme schade die ze aanrichten aan de bodem en het milieu, moeten de beslissingen van het volk respecteren. Ze plegen een aanslag op het leven en de gezondheid’, vindt Taurino Rincón, een inheemse Mexicaan.

Hij strijdt met zijn organisatie tegen Gabfer SA de CV, een Mexicaans bedrijf dat openluchtmijnbouw wil bedrijven op land van zijn gemeenschap. Volgens Rincón zou het project de bronnen verontreinigen die water leveren aan 4000 mensen in Zacualpan, een gemeente in het westen van Mexico, op 660 kilometer van de hoofdstad.

Gabfer kreeg een concessie om goud, koper, zilver en mangaan te ontginnen in een gebied van 100 hectare. Vertegenwoordigers van het bedrijf beweren dat de mijnbouw de waterbronnen niet zal vervuilen, maar ze hebben nog geen milieueffectenrapport ingediend.

Principes

De richtlijnen zijn vrijwillig en niet-bindend, maar het is wel het eerste middel om mensenrechten te beschermen in de economie.

Het is een voorbeeld van de talloze conflicten tussen bedrijven en getroffen gemeenschappen die de kop opsteken in veel economische sectoren in Latijns-Amerika. In deze regio gaat er maar weinig aandacht naar de zogenaamde Guiding Principles on Business and Human Rights, die de VN-mensenrechtenraad in 2011 heeft uitgevaardigd.

‘Staten moeten beschermen tegen mensenrechtenschendingen door derden, waaronder bedrijven, op hun territorium of binnen hun jurisdictie’, is zo’n principe. Sterker nog: ‘Staten moeten duidelijk afspreken met de bedrijven die op hun territorium gevestigd zijn of binnen hun jurisdictie vallen om de mensenrechten te respecteren bij al hun activiteiten.’

De richtlijnen zijn vrijwillig en niet-bindend, maar het is wel het eerste middel om mensenrechten te beschermen bij de economische activiteiten in de private en publieke sector.

Het implementeren van de principes gaat traag, hoewel er veel bedrijfsgerelateerde conflicten zijn. De in Spanje gevestigde Global Atlas of Environmental Justice maakt gewag van 99 milieuconflicten in Colombia, 64 in Brazilië, 49 in Ecuador, 36 in Argentinië, 35 in Chili, 33 in Peru en 32 in Mexico. De conflicten houden verband met mijnprojecten, gas- en oliewinning, afvalverwerking, waterbeheer, toegang tot land en infrastructuurwerken.

Chili

‘Het is allemaal erg nieuw. Vroeger had je geen duidelijke richtlijnen voor regeringen om de principes in de praktijk te brengen’, zegt Benjamin Cokelet, hoofd van Poder, een ngo in Mexico-Stad die zich bezighoudt met de aansprakelijkheid van bedrijven in Latijns-Amerika. ‘Als we ze niet implementeren, zal het wettelijke kader gekaapt worden door andere belangen.’

Volgens de Mensenrechtenraad hebben Argentinië, Chili, Colombia, Guatemala en Mexico sinds 2013 verklaard dat ze de principes zouden implementeren, maar geen van de landen heeft dat al gedaan.

Chili zou aan een nationaal plan werken om de huidige situatie te onderzoeken. Het plan zal slachtoffers remediëren, met bijzondere aandacht voor kwetsbare groepen, arbeidsvraag en acties met betrekking tot het milieu, maar ook anticorruptiemaatregelen en het promoten van transparantie, zo verklaarde een delegatie van de regering in december.

José Aylwin van de Chileense ngo Observatorio Ciudadano vindt dat het te traag vooruit gaat in zijn land. ‘Chili is nog niet verder gekomen dan aankondigingen, het heeft nog geen breed debat gehouden met het middenveld en inheemse volkeren om het plan te schetsen.’ Voor activisten als Alywin zijn de aanhoudende mensenrechtenschendingen en de straffeloosheid die ermee gepaard gaat, een doorn in het oog.

Colombia

‘We zien een stijging in de mensenrechtenschendingen.’

In Colombia bijvoorbeeld neemt het aantal conflicten toe als gevolg van mijnbouwconcessies en de aanleg van infrastructuur. ‘We zien een stijging in de mensenrechtenschendingen die correleert met de protesten van bevolkingsgroepen tegen deze projecten’, stelt Amanda Romero, onderzoeker bij Business and Human Rights Resource Centre.

Het land heeft echter mechanismen opgezet om de link tussen mensenrechten en bedrijven aan te pakken, terwijl de regering in juli 2014 haar ‘Richtlijnen voor een beleid rond bedrijven en mensenrechten’ publiceerde.

Om de situatie te verbeteren, stelt Romero voor om de principes in een nationale wet te gieten. Ook Aylwin vindt dat staten dringend politieke en wettelijke maatregelen moeten treffen om hun acties op dit vlak consistent te maken en bedrijven daadwerkelijk aansprakelijk te maken voor mensenrechtenschendingen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2522   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift