Everything But Arms-overeenkomst met Cambodja

Jan Orbie: ‘Soft power van Europa is veel kleiner dan twintig jaar geleden’

© BGMEA

Een Bengaalse kledingfabriek

Het voorbije weekend heeft een Europese delegatie Cambodja bezocht om te bekijken of het land geschrapt zou moeten worden uit de Everything But Arms (EBA)-overeenkomst. Dankzij dat akkoord kunnen de zogenaamde Minst Ontwikkelde Landen al hun exportproducten taksvrij en zonder quota op de Europese markt brengen – met uitzondering van wapens.

Voor Cambodja gaat het vooral over textiel. Het land dreigt die voorkeursbehandeling nu te verliezen vanwege schendingen van de mensenrechten. De Cambodjaanse premier heeft de politieke oppositie afgeschaft en de pers werd monddood gemaakt.

De EU dreigt al langer met sancties en het bezoek van deze delegatie is een zoveelste episode in het verhaal. Maakt Europa wel nog een sterke indruk op het internationale toneel?

Geen wapens

Waarom heet de overeenkomst eigenlijk Everything But Arms?

Jan Orbie: Iedereen weet dat de Minst Ontwikkelende Landen, die dus de begunstigden zijn, geen wapens exporteren naar de EU. Het omgekeerde gebeurt wel. Dat illustreert de symboliek van heel dat Everything But Arms-initiatief. Toen EBA in 2001 werd opgericht, wilde de EU, in tegenstelling tot de VS, een pacifistische en vredelievende macht zijn die via handel aan welvaart werkt en niet door oorlog te voeren.

Je kan dat achteraf gezien het superioriteitsgevoel van Europa noemen, maar dat verklaart waarom men dat akkoord symbolisch zo genoemd heeft.

Treedt Europa ook altijd streng op?

Jan Orbie: Het is nog maar twee keer gebeurd dat preferenties echt teruggetrokken zijn: in Myanmar in 1997 en in Wit-Rusland in 2000. Twee kleinere landen die sowieso al onder vuur lagen van de internationale gemeenschap.

‘De laatste tien jaar zien we een luidere roep om sterker, forser op te treden bij schending van mensenrechten en arbeidsrechten.’

Het is gekend in de literatuur van het Europese buitenlandbeleid dat er vaak dubbele standaarden gebruikt worden als het gaat over sanctioneren. De EU heeft het moeilijker om landen te sanctioneren die politiek en economisch belangrijk zijn. Ik denk niet dat je kan zeggen dat dat een puur objectieve toepassing is.

Rana Plaza

Dat idee dat Europa de waakhond is van de democratie …

Jan Orbie: Zo romantisch is het niet, denk ik (lacht). Ik voel mij ook niet geroepen om Europa te verdedigen. Er is ook veel veranderd tussen 2001 en nu. De laatste tien jaar zien we een grotere bezorgdheid van de publieke opinie, politici, civil society en vakbonden over de gevolgen van handel voor duurzame ontwikkeling. Een luidere roep om sterker, forser op te treden bij schending van mensenrechten en arbeidsrechten.

Plots is elke burger bezig met handelsbeleid, terwijl dat vroeger iets voor technocraten was. De EU heeft de noodzaak gevoeld om te tonen dat ze daar iets aan wil doen.

Rana Plaza speelt daar ook een rol in (de instorting in 2013 van een textielfabriek in Bangladesh met meer dan 1000 doden als gevolg, KJ). Een paar dagen na Rana Plaza zei de handelscommissaris, die op dat moment Karel De Gucht was: ‘We gaan toch moeten bekijken of we Bangladesh niet moeten sanctioneren.’ Dat is niet gebeurd, maar er was toen al een dreigement.

Dreigen in plaats van sancties

Maar het wapen van Europa blijft dreigen, niet zozeer effectief uitvoeren?

Jan Orbie: Dreigen kan zeer effectief zijn. De schaduw van sancties kan zwaar wegen.

Maar ik denk dat als je eenmaal je sancties moet toepassen, je je eigenlijke hefboomwerking kwijt bent. Want dan is de kans klein dat daarna de overheid toch nog de hervormingen zal doorvoeren die jij wil.

We zien ook dat er in Wit-Rusland niets veranderd is. En in Myanmar zijn er uiteindelijk na vijftien jaar wel hervormingen gebeurd, maar om andere redenen dan de EU-sancties.

Wat er gaat gebeuren, is dat machthebbers de moeilijke economische en politieke omstandigheden kunnen wijten aan de Europese sancties. Dat ze de schuld voor wat misloopt, afschuiven op het buitenland en zichzelf nog kunnen versterken.

‘Als er over een paar maanden sancties komen, hoopt men dat mensen en bedrijven in Cambodja bij hun overheid aankloppen. Dat is de logica.’

Tenzij, en dat is wel heel cynisch, dat de EU vooral wil sanctioneren om de Europese publieke opinie te tonen ‘wij voegen wel degelijk de daad bij het woord’. De commissie krijgt al decennia het verwijt niet hard genoeg te zijn. Ik denk dat de Europese dreiging met sancties voor Cambodja wel degelijk geloofwaardig is.

In het geval van Cambodja zal de invloed van China alleen maar groter worden als de sancties er effectief komen. Dat is toch niet wat Europa wil?

Jan Orbie: De filosofie achter wat Europa officieel wil is: het ongenoegen bij de bevolking doen toenemen om de druk op de regering te verhogen. Dus als er over een paar maanden sancties komen, hoopt men dat mensen en bedrijven in Cambodja bij hun overheid aankloppen. Dat is de logica.

Of men dat echt gelooft, dat weet ik niet. Dat moet je aan de commissie vragen. Maar het lijkt mij weinig waarschijnlijk dat het op die manier werkt.

Veel minder soft power

Hoe groot is die soft power van Europa, dat idee om onze normen op te leggen via handel en niet met wapens?

Jan Orbie: Ik denk dat er een consensus is dat die vandaag veel kleiner is dan twintig jaar geleden. Al van bij de start van EBA was mijn kritiek dat het akkoord ervan uitgaat dat groei en export automatisch leiden tot ontwikkeling.

En dat is een soort hardnekkigheid in het denken waarvan nochtans al vaak gebleken is dat die niet echt werkt.

Suiker is daar een goed voorbeeld van. Er was een vaste suikerprijs. Een relatief hoge suikerprijs voor Europese boeren, maar ook voor suikerproducenten buiten Europa. We hebben meer vrijhandel voor suiker gekregen en de prijzen zijn in elkaar gestort. Ik denk dat je met textiel een beetje hetzelfde hebt. Ik kan mij inbeelden dat het op korte termijn interessant is voor een land om veel meer textiel te exporteren.

Maar die prijzen zijn schandalig laag, onze kleren zijn schandalig goedkoop. En we slagen er blijkbaar toch niet in om ervoor te zorgen dat mensen die die kleren produceren, dat in goeie omstandigheden kunnen doen. Dus ik heb daar nogal een scherpe visie op.

Wat je ziet, is dat bedrijven gewoon landen tegen elkaar kunnen uitspelen. Zo zien we vandaag dat bedrijven verhuizen van Bangladesh naar Ethiopië, waar ze nog goedkoper kunnen produceren.

‘Zolang er geen bindend kader is, blijven we wat prutsen in de marge.’

Heeft EBA zoals het nu bestaat dan nog zin, als we de evaluatie bijna 20 jaar later opmaken?

Jan Orbie: Op middellange termijn, vanuit globaal belang gezien zeg maar, denk ik van niet.

Als het gaat over eerlijke handel, heb je de producenten en de consumenten. De producenten willen ook niet de bad guys zijn. Als het een beetje kan, willen ze wel duurzamer producten verkopen, liefst zonder grote prijsstijgingen. Dan heb je de consumenten, dat zijn wij, die kijken steeds meer naar duurzaamheidslabels.

Maar de grote afwezigen in dit verhaal zijn de overheden. Wat wij in het huidige systeem verwachten, is dat consumenten en producenten vrijwillig via allerlei engagementen en charters of ronkende verklaringen de situatie regelen. Er zijn internationale regels over vrijhandel, maar er zijn geen internationaal afdwingbare regels over duurzaamheid van producten, over kinderarbeid of slavenarbeid. Zolang er geen bindend kader is, blijven we wat prutsen in de marge.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Minder vrijhandel

Hoe ziet u dit voor de toekomst?

Jan Orbie: Politicologen zijn slechte toekomstvoorspellers. We zijn nu in een tijdsgewricht waarin alles op losse schroeven staat. Trump is verkozen met een kritische vrijhandelsagenda. Een agenda die hij nu ook uitvoert, denk aan de tarieven tegen China.

Niemand had voorspeld dat het zo snel en zo drastisch zou gebeuren. Dus durf ik ook niet te zeggen wat er in Europa zal gebeuren.

Als we overal meer rechtse tot populistisch-rechtse meerderheden krijgen, kunnen we evolueren naar minder vrijhandel. Alleen denk ik niet dat dat nieuwe beleid er dan een zal zijn dat voordelig is voor landen als Cambodja.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift