Dossier: 

Natuurpark wordt goudmijn

Goud! Op sommige plekken blijkt de Surinaamse bodem er rijk aan te zijn. Maar dat is geen onverdeelde zegen voor het land. Surinaamse politici, die vaak zelf directe belangen hebben in de goudmijnen, vinden de financiële kant van dit verhaal véél belangrijker dan het milieu, dat door de goudwinning in schrikbarend tempo wordt verwoest.

De modderweg naar de heuveltop is glad, de kuilen zijn verraderlijk en de auto glijdt soms gevaarlijk dicht naar de rand waar het tropenbos de diepte in golft. De weg nemen naar de top van natuurpark Brownsberg in het hart van Suriname is een hachelijke onderneming in de regentijd. Maar volgens de reisfolders krijg je er veel voor terug: het gebied staat bekend als een eldorado voor natuurliefhebbers.

Het sinds 1969 beschermde reservaat herbergt volgens biologen 40 soorten orchideeën, 350 vogelsoorten en alle acht apensoorten die in Suriname te vinden zijn. Veel planten en vogels zijn uniek voor de tropische heuveltoppen in de Guyana’s. Het park is een van de vroegste voorbeelden van ecotoerisme. Al lang vóór dat begrip werd gemunt, werd het gesticht met de bedoeling om toerisme voor de bescherming van de natuur te laten betalen.

Wel vervelend dat de weg ernaartoe zo slecht is. En nog irritanter dat de reden daarvoor niemand kan ontgaan. Tijdens mijn bezoek in 2012 zwoegen er dagelijks tractors en bulldozers de berg op een neer, volgeladen met zwijgende Surinamers en Brazilianen en met dieselgeneratoren, pompen, slangen en vaten brandstof. Even later passeren we een geel waarschuwingsbord met een tekst in het Nederlands en Portugees: ‘Verboden toegang. Proibida a entrada. Streng verboden te jagen, bomen te kappen en naar goud te mijnen.’

Van dat bord trekken de mannen zich dus niets aan. En kennelijk doen ze dat ongestraft. We rijden in een natuurpark dat tegelijk dienst doet als goudzoekersgebied. Op zichzelf al vreemd, maar het kan nog surrealistischer: de bescherming van dit gebied is een prioriteit van het Wereldnatuurfonds (WWF), dat daarvoor ook dik heeft betaald. Uit de bijdragen van vooral Nederlandse en Vlaamse donateurs is tussen 1999 en 2007 meer dan één miljoen dollar uitgegeven om de natuur te behouden.

Die Europese donateurs dachten ongetwijfeld dat het WWF de natuur met hand en tand zou beschermen, maar hier is het tegenovergestelde gebeurd. Onder machteloos stilzwijgen van WWF Guianas is het park in tien jaar tijd gestaag afgebroken. Toeristen die de aanbevolen wandeling maken naar de frisse Irenewaterval, kunnen de machines met eigen oren horen beuken. Wie de avontuurlijke trektocht naar de Witikreek onderneemt, ontdekt dat die feitelijk niet meer bestaat.

400 ton kwik

Pas in de loop van 2012 komt WWF Guianas hier openlijk tegen in opstand, maar dan is het te laat. Op dat moment liggen er 55 clusters van goudmijnen op en rond Brownsberg, waarvan 33 binnen de grenzen van het natuurpark. Op elk van die locaties is het een chaos van brede, kaal gekapte stroken vol rode aarde en ontelbare poelen verontreinigd water in diverse kleuren. Op honderden hectaren staat geen boom meer overeind. Flora en fauna zijn vakkundig verkracht. Midden in het bos lijkt de verwoestijning te hebben toegeslagen.

En de situatie rond Brownsberg is maar één voorbeeld. Overal in Suriname hebben milieu- en natuurbewegingen machteloos toegekeken bij de explosie van goudactiviteiten, die grote delen van het bos vernield en minstens 400.000 kilo kwik in het milieu gebracht heeft.

Dat heeft twee belangrijke oorzaken, waarvan de machteloosheid van de natuurorganisaties de eerste is. Net als in het naburige Brazilië zijn de organisaties slechts ‘te gast’ in Suriname en kunnen ze elk moment worden weggestuurd. WWF Guianas en zijn directeur Dominiek Plouvier, voormalig hoofd van het Bossenteam van WWF-België, hebben een diplomatieke status. Op zijn auto zit een blauw kentekenbord van het corps diplomatique. Dat is makkelijk voor de contacten met politici, wordt uitgelegd, maar ook reden om openlijke kritiek op een goudschaaltje te wegen. Tot vorig jaar durfde de organisatie haar mobilisatiemacht niet te gebruiken om de verwoesting tegen te gaan.

Oud-directeur Gerold Zondervan van WWF Guianas verwerpt die kritiek. ‘Ik heb dertien jaar lang bij de overheid met mijn vuist op tafel geslagen. Niet in het openbaar, maar achter de schermen’, zegt hij. Er is inderdaad te lang gewacht met het mobiliseren van de publieke opinie, geeft hij toe. ‘Maar het is nu eenmaal moeilijk werken als de verantwoordelijke minister zegt dat hij niets te maken wil hebben met beschermde gebieden.’

Geen enkele Surinaamse natuurorganisatie heeft openlijk alarm geslagen over de teloorgang van Brownsberg. Ook voor Annette Tjon Sie Fat, directeur van Conservation International Suriname, kwam die niet als een verrassing, erkent ze. ‘We vliegen al sinds 1992 over het gebied. De eerste mijnbouwactiviteiten begonnen langs de kreek. Je zag de strepen en later de gaten in het bos in diverse kleuren. Steeds breder en groter.’

‘Natuurlijk maakten we ons daar bezorgd over, wat denkt u? En natuurlijk hebben we de vraag gesteld aan het ministerie: is dit allemaal wel legaal? Ons werd verteld dat het voornamelijk Braziliaanse goudzoekers waren en dat men daarop geen vat had.’ Haar hart als natuurbeschermer werd erdoor gekwetst, maar ze kon er niets tegen doen. ‘Wie moet je bellen? Dat is in Suriname het probleem.’

Dat is de tweede en belangrijkste oorzaak: voor Surinaamse politici en bestuurders hebben de natuur- en milieuaspecten van goudwinning nauwelijks prioriteit. De financiële belangen wegen zwaarder en veel politici hebben direct of indirect belangen in het goud. Dat klinkt als een logische verklaring die op voorhand door menig Surinamer wordt gedeeld. Maar het kostte mij een jaar tijd, en veel taaie journalistieke research, om aan te tonen dat het ook werkelijk zo is.

Waar is het geld?

Bruikbare cijfers over de informele Surinaamse goudsector zijn schaars. In het land wordt één grote industriële goudmijn geëxploiteerd door het Canadese bedrijf Iamgold. Dat haalde in 2011 zo’n 12 ton goud uit de bodem, waarvoor 164,4 miljoen dollar aan royalty en belastingen werd betaald. In de rest van het binnenland is de situatie schimmig. Daar wordt een groter deel van het goud – 19 ton – door 30.000 kleine goudzoekers uit tientallen privégoudmijnen gehaald. Toch verdient de schatkist daaraan veel minder: 16,5 miljoen dollar royalty.

Formeel moeten kleine en middelgrote goudbedrijven 36 procent van hun winst afdragen aan belasting. In de praktijk betaalt de privésector nauwelijks belasting, terwijl het ze het grootste deel van de goudschat uit de bodem haalt. Waar blijft de rest? Waar is het geld? De Surinaamse burger moet daar naar raden. De lijst van eigenaren van goudconcessies wordt gekoesterd als staatsgeheim. Zelfs de kaart die aangeeft waar de goudconcessies liggen, is niet openbaar.

Op honderden hectaren staat geen boom meer overeind. Flora en fauna zijn vakkundig verkracht. Midden in het bos lijkt de verwoestijning te hebben toegeslagen.
Gerold Dompig is een man die alles weet over de goudsector. Maar hij mag er weinig over zeggen. Sinds twee jaar heeft deze oud-politieman de dagelijkse leiding over een commissie die president Desi Bouterse in het leven heeft geroepen om de goudsector te ordenen. Zelf zou hij het wel willen, maar politici worden zenuwachtig van het idee dat de namen van mijneigenaren bekend worden gemaakt, legt hij uit. ‘Goudeigenaren, exporteurs, beheerders, en dat dwars door alle partijen in de coalitie en daarbuiten. Iedereen is bezig met goud. Het is makkelijker om te zeggen wie er niet mee bezig is. Het is ook bekend van de president zelf. Zijn eigen partij zegt dat hij belangen heeft in goudbedrijven. Ik vind dat op zich prima.

Het is ‘de corruptie’ die de transparantie tegenhoudt, zegt hij onomwonden. Maar vooralsnog legt hij zich daarbij neer. Namen zullen we van hem niet horen.

Maanden kost het om de lijst toch boven tafel te krijgen. Dan wordt zichtbaar waarom openbaarheid gevoelig ligt. De elite van de Surinaamse goudwereld is verrassend klein. Ruim 25 concessies waar goud mag worden gewonnen, zijn in handen van slecht dertien bedrijven of personen. Nog eens 60 onderzoeksconcessies zijn te herleiden tot zo’n twintig bedrijven, vaak dezelfde als in het eerste lijstje.

De lijst die ik in de zomer 2012 krijg toegespeeld, stamt uit de eerste maand van 2011. Op dat moment is de regering-Bouterse een half jaar aan de macht. De nieuwe minister van Natuurlijke Hulpbronnen Jim Hok verleent op 2 december 2010 zijn eerste exploitatievergunning. Op 28 december begint het feest voor Ronnie Brunswijk, voormalig rebellenleider en fel politiek tegenstander van Desi Bouterse. Hij heeft al vier concessies en de nieuwe minister schenkt hem er drie bij, waaronder de exploratierechten voor ruim 7.000 hectare op de linkeroever van de Marowijnerivier.

Corruptie

Zes maanden daarvóór tekende Brunswijk een akkoord met Desi Bouterse dat de weg opende voor de nieuwe meerderheidsregering die in augustus is geïnstalleerd. Misschien zien we hier een deel van de terugbetaling. Een goede goudconcessie kan in korte tijd veel geld opleveren: 25 kilo staat gelijk aan één miljoen euro. Brunswijk is de enige actieve politicus op de lijst, maar veel andere eigenaren hebben wel nauwe banden met de politiek. Alle partijen zijn vertegenwoordigd, hoewel de meeste lijnen lopen naar de Nationaal Democratische Partij (NDP), de partij van Bouterse.

De namen van de president zelf en diens zoon Dino staan er niet op. Ze zijn van niets oprichter, directeur of eigenaar. Er staat niets op papier, maar dat zegt weinig. Zo staat zoon Dino Bouterse als ‘manager’ op de loonlijst bij Sarafina Holding, een van de middelgrote goudbedrijven. Dat heeft, zo blijkt verder uit mijn onderzoek, tussen 1999 en 2010 nauwelijks inkomstenbelasting betaald.

Een andere belanghebbende die er uitspringt is de familie van de veroordeelde xtc-producent Hans Jannasch, een oud-militair en NDP’er aan wie de partijclan trouw bleef. Het familiebedrijf bezit vijf goudconcessies. Ook in goudbedrijf Nana Resources komen veel lijnen samen. Eigenaar Henk Naarendorp combineert zijn directeurschap met het voorzitterschap van de Kamer van Koophandel en Fabrieken en het lidmaatschap van de presidentiële commissie Goudordening. Daar zit hij naast zijn zus Ellen Naarendorp, actief lid van de NDP.

Over hoe goudvergunningen worden uitgegeven vertelt Bernard Paansa een ontnuchterend verhaal. Hij is chef exploratie en geologie bij de Geologisch-Mijnbouwkundige Dienst, die de vergunningen verleent. Formeel moeten aanvragers voldoen aan allerlei voorwaarden, zegt hij. Zo is er de verplichting om geologisch onderzoek te doen. Maar ja… ‘Wij zijn een klein land. Soms weet je dat de politiek om bepaalde redenen anders zou willen beslissen. Misschien heeft de minister zijn politieke beïnvloeding gehad. In zo’n geval krijgt die persoon dus toch het recht.’

Is dat corruptie? Misschien wel. Maar, zegt hij: al die kleine gouddelvers hebben wel geholpen om Suriname in moeilijke economische tijden overeind te houden. De werkgelegenheid in het goud en de economische spin-off daarvan is enorm. ‘Bijna iedereen in Suriname heeft een familielid of relatie die er in werkt. De sector heeft de afgelopen jaren een enorme ontwikkeling doorgemaakt die niet voor iedereen zichtbaar is.’

Gouden bergen

Suriname werd in 1975 onafhankelijk van Nederland. Het kreeg een ontwikkelingsfonds mee ter waarde van bijna twee miljard euro. De besteding van dat geld werd tijdelijk stopgezet in 1982 na de moord op vijftien politieke tegenstanders door legerleider Desi Bouterse, wiens nieuwe koers de economie binnen twee jaar in elkaar deed storten. De situatie blijft rampzalig tot begin jaren negentig, onder meer vanwege de guerrillaoorlog die Bouterse en zijn politieke tegenstrever Ronnie Brunswijk uitvochten.

Voor de huidige generatie jonge Surinamers zijn de politieke moorden van toen abstracte gebeurtenissen uit een ver verleden. De geschiedenisboeken op school maken geen melding van de zwarte bladzijde. Door politieke laksheid is de berechting van de moorden door het gerecht lang uitgesteld. Bouterse is bovendien een volkse, charismatische populist met grote bewondering voor de onlangs overleden Venezolaanse president Chávez, wiens methoden hij graag imiteert. Dat alles maakte in 2010 de weg vrij voor een glorieuze rentree van de oud-legerleider, die toen gekozen werd tot president. Een van zijn eerste daden was zichzelf gratie te verlenen voor de moorden in 1982.

Rond de onafhankelijkheid dreef de economie nog voor 85 procent op bauxiet. Door uitputting van de bestaande mijnen is dat in deze eeuw teruggelopen tot minder dan tien procent. Het nieuwe bauxiet heet goud, vooral vanwege de almaar stijgende prijs van het edelmetaal. Dankzij de beurscrisis, de bankencrisis, de Arabische Lente en de eurocrisis brengt goud op de wereldmarkt nu al zes keer méér op dan tien jaar geleden. De jaarproductie van Suriname is ruim 1,5 miljard dollar waard; veel geld voor een bevolking van nog geen 600.000 mensen. De Surinaamse staat incasseert daarvan slechts 180 miljoen dollar aan directe royalties en belasting.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift